Om te schrijven is één uur research genoeg!

29 juli 2020
Om te schrijven is één uur research genoeg!

Een uur research om jezelf vlot te trekken, dat is genoeg om aan de slag te gaan. Soms kom ik schrijvers van familieverhalen tegen die ten onder gaan aan het doen van onderzoek. En ik was zelf ook zo iemand. Maandenlang verzamelde ik gegevens, bestudeerde ik archieven, interviewde ik familieleden. Het is een prachtige én belangrijke manier van gegevens verzamelen, maar onnodig om een familieverhaal te schrijven: uiteindelijk bleek dat ik met één uur research aan de keukentafel aan de slag kon.

En dat geldt ook voor jou. Om familieverhalen te schrijven heb je gegevens van je voorouders nodig. Helemaal waar. Toch hoor ik vaak: ‘ik ben nog niet zo ver, er zijn nog gaten in de historie.’ Onderzoek wordt op die manier een steeds grotere berg waar je voor blijft staan dralen. Doodzonde, omdat je ook met weinig research al kunt starten met je familieverhaal. In zo’n geval moedig ik je aan om je onderzoek te stoppen en eerst te gaan schrijven.

Natuurlijk is stamboomonderzoek belangrijk voor je verhaal. En het is een fascinerende hobby, het puzzelen op voorouders en familielijnen. Maar als je merkt dat je niet aan schrijven toekomt omdat je feiten nog niet op orde zijn, blokkeer je jezelf en verlies je je schrijfplezier. Ik heb mezelf met zulke argumenten een paar jaar van schrijven afgehouden. Terwijl: een investering van één uur in research is genoeg om te beginnen met schrijven. Pak dat uur en doe die minimale onderzoeksinspanning. En ja, voor je eerste familieverhaal is dat eerste onderzoeksuur écht genoeg.

Dus plan nu voor de komende week een uur in je agenda. Dat is nodig, nuttig, en geruststellend. Daarna ben je klaar met het argument dat je nog niet genoeg informatie hebt.

Een uur is genoeg: stamboomonderzoek is een eitje

Nederland heeft de digitalisering van de basisarchieven steengoed op orde. Er zijn weinig landen waar de stamboomgegevens van de afgelopen tweehonderd jaar zo volledig terug te vinden zijn als bij ons. Vanuit je luie stoel kun je in een uurtje een grote berg voorouders binnen hengelen. Genoeg om te starten met je verhaal.

Dat geldt overigens alleen voor diegenen die de afgelopen tweehonderd jaar officieel Nederlands ingezetene zijn geweest en in de archiefboeken zijn ingeschreven. Geldt dat niet voor jou, dan heb je wat extra creativiteit nodig. Waar het me om gaat, is dat je zelfs met summiere gegevens van je hoofdpersonen aan de slag kunt.

Heb je andersom juist zoveel gegevens liggen dat je niet meer weet waar je moet beginnen, gebruik dan dat ene uur om er één interessante hoofdpersoon uit te pikken en concentreer je op haar!

Een uur of een jaar, het is altijd te weinig

Dat lijkt tegenstrijdig: je hebt nooit genoeg informatie verzameld. Gefeliciteerd, dat betekent dat je veel ruimte hebt gecreëerd voor jouw verhaal. Het echte verhaal gaat niet over droge feiten of archiefonderzoek. Mensen willen jouw verhaal lezen omdat het gaat over familieleden van vlees en bloed, die voor uitdagingen kwamen te staan, en die soms de wind tegen hadden in hun leven. Zodra je gaat schrijven blijkt dat details als de geuren van de stad, de spanning in een relatie, de zorgen over een kind met mazelen, of over een mislukte oogst niet uit de archieven haalt. Wel uit historisch onderzoek overigens.

Een familieverhaal wordt aangekleed met de wereld van toen en daar heb je informatie voor nodig. Maar ook als je in de archieven niet alle informatie hebt kunnen achterhalen, kun je een beeld oproepen van de tijd, en van de dilemma’s waar jouw voorouders mee te maken kregen. Zodra je verhaal in de kladversie staat, kun je extra details gaan opzoeken en gaan aanvullen. Door in de huid van je hoofdpersonen te kruipen houd je het schrijfplezier in stand en laat je je niet afleiden door het voorlopig ontbreken van feiten.

Een uur om jezelf vlot te trekken

Eigenlijk is dat uur dus niet bedoeld om alles te achterhalen. Wat basisgegevens zijn genoeg, zoals de voor- en achternaam van de naaste familieleden, mét geboorte- en sterfdata, de woonplek, misschien wat geërfde spullen als een zilveren vingerhoed of een schilderijtje, wat foto’s als die al te vinden zijn, en wat geografische, sociale en historische feiten over de omgeving van de voorouders die je beschrijft. Wen jezelf eraan om met weinig gegevens aan de slag te gaan, dat geeft ruimte om benieuwd te worden naar je hoofdpersonen. En besluit na dat uur waarin je alle gegevens op een rij zet, dat je nu eerst gaat schrijven. Nader onderzoek komt later, en krijgt dan de functie van verdieping op jouw verhaal. Jouw verhaal is de basis. Aan de slag!

Reacties

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.